Samenwerking binnen Benelux versterkt geodetische infrastructuur
Nederland, België en Luxemburg gaan intensiever samenwerken aan hun geodetische infrastructuur. Zo zijn coördinatenstelsels beter op elkaar afgestemd.
Verschillen tussen landen overbruggen
Een goede geodetische infrastructuur vormt de basis voor toepassingen zoals kaarten, navigatie en andere infrastructuurprojecten. Daarbij is het belangrijk dat verschillen tussen landen geen belemmering vormen. Door de samenwerking verder te versterken worden coördinatenstelsels consistenter, robuuster en beter bruikbaar binnen de Benelux.
Benelux-partners leggen samenwerking vast
Om deze samenwerking officieel vast te leggen ondertekenden 3 partijen een Memorandum of Agreement (MoA):
- De Nederlandse Samenwerking Geodetische Infrastructuur (NSGI), vertegenwoordigd door Kadaster-bestuurder Cora Smelik.
- Het Nationaal Geografisch Instituut van België (NGI).
- En de Administration du Cadastre et de la Topographie (ACT) van Luxemburg.
Afspraken over kennis, data en beheer
Met deze overeenkomst zetten de Benelux-partners een belangrijke stap in de verdere versterking van de geodetische infrastructuur. Met het MoA spreken de 3 partijen af om:
- nationale coördinatenstelsels beter op elkaar af te stemmen
- samen een analysecentrum voor GNSS-data op te zetten
- kennis en expertise te delen
- samen bij te dragen aan de zogeheten Global Geodesy Supply Chain
Samenwerken aan Europese referentiesystemen
De 3 landen gaan ook samenwerken aan de realisatie en het beheer van het European Terrestrial Reference Frame (ETRS89) en het European Vertical Reference System (EVRS).
De samenwerking bestond al, maar was nog niet officieel. Met de MoA ligt er nu een stevige basis en duidelijke afspraken.